Navbar logo new
J.P. Morgan Private Bank: Wel of geen AI-bubbel: vier belangrijke factoren voor beleggers
Calendar13 Jan 2026
Thema: Beleggen
Fondshuis: JP Morgan

Weinig beleggingsthema’s verdelen de markten tegenwoordig zo sterk als kunstmatige intelligentie (AI). De opmars is indrukwekkend: inmiddels is zo’n 40% van de bedrijven in de S&P 500 direct of indirect gelinkt aan AI. Kapitaal stroomt toe, waarderingen lopen op - en daarmee groeit ook de nervositeit. Is dit het begin van een structurele omwenteling, of de voorbode van een nieuwe bubbel?

Die vraag houdt beleggers in toenemende mate bezig. Volgens Madison Faller, global investment strategist bij J.P. Morgan Private Bank, is die twijfel begrijpelijk, maar vooralsnog niet doorslaggevend. “Wie voorbij de koersgrafieken kijkt, ziet vooral een technologie die diep doordringt in de reële economie.”

AI jaagt niet alleen aandelenkoersen aan, maar ontpopt zich tot een nieuwe groeimotor van de Amerikaanse economie. In 2025 droegen AI-gerelateerde investeringen zelfs meer bij aan de economische groei dan de Amerikaanse consument. “Tegelijk laten bedrijven door de hele AI-waardeketen sterke winstcijfers en robuuste vooruitzichten zien. Dat maakt het verschil met eerdere hypes. De huidige AI-hausse wordt niet primair gevoed door blinde euforie, maar door reële vooruitgang,” meent Faller.

Wanneer wordt euforie gevaarlijk? De signalen om in de gaten te houden

Ondanks het optimisme blijft waakzaamheid geboden. Volgens Faller zijn vier ontwikkelingen cruciaal om te bepalen of de markt oververhit raakt.

1.Adoptie van AI staat nog maar aan het begin

De toepassing van AI in het Amerikaanse bedrijfsleven is het afgelopen jaar met 60% gestegen, maar minder dan 10% van de bedrijven gebruikt AI al op productieniveau. De adoptiecyclus is dus pas net begonnen. De grootste productiviteitswinsten zullen pas komen wanneer AI doorstroomt naar de brede middenmoot van bedrijven.

2.Exponentiële groei in rekenkracht

De benodigde rekenkracht voor geavanceerde AI-modellen groeit exponentieel. Zowel in de VS als in Azië versnelt de vooruitgang. Als toekomstige doorbraken minder energie of infrastructuur vergen, kan dat gevestigde spelers verrassen. Toch verwacht Faller dat juist efficiëntere modellen en bredere deelname de productiviteit verder zullen opstuwen.

3.Financiële robuustheid van hyperscalers

De grote cloudspelers, de ruggengraat van de AI-economie, hebben overwegend meer winst dan schuld, en beschikken vaak over ruime kasbuffers. Dat biedt comfort, al blijft het nodig om alert te zijn op een mogelijke groei in kredietverlening.

Belangrijk: de totale investeringen in AI liggen veel lager dan in eerdere overinvesteringscycli, zoals de investeringen in telecom vóór de dotcom-bubbel of in energie tijdens de schalieolie-boom. Bovendien zetten beperkingen in energie en infrastructuur een natuurlijke rem op excessieve investeringen en creëren die tegelijk kansen voor bedrijven die de ‘picks and shovels’ van de sector leveren.

4. Waarderingen en sentiment

Opvallend genoeg zijn de waarderingen van beursgenoteerde AI-bedrijven de afgelopen drie jaar gedaald, gemeten in toekomstige k/w-verhoudingen, terwijl winstverwachtingen meer dan verdubbeld zijn. De recente opleving bij IPO’s toont wel enige oververhitting, maar volgens Faller nog niet het niveau dat zorgen baart.

AI is meer dan een hype: structurele motor voor groei

<> De investeringspiek in AI kan wat afvlakken, en hier en daar kan markteuforie ontstaan, maar Faller ziet AI niet als een voorbijgaande trend. In de langetermijnverwachtingen van J.P. Morgan Asset Management wordt AI zelfs genoemd als een cruciale factor om demografische druk en arbeidskrapte te compenseren.

Daarnaast wordt AI steeds vaker gezien als strategisch belangrijk voor de nationale veiligheid. De baten zullen bovendien breder neerslaan dan alleen in de technologiesector; AI sijpelt geleidelijk door in vrijwel alle onderdelen van de economie.

Waar ligt de volgende waardecreatie?

Tot nu toe hebben beleggers op publieke markten vooral geprofiteerd van de infrastructuurhausse: chipproducenten en hyperscalers waren de grote winnaars. Maar de volgende golf van waardecreatie kan weleens plaatsvinden bij bedrijven die applicaties en platforms bouwen, meestal bedrijven die nog jaren privaat blijven.

Dat maakt private markten belangrijker dan ooit. Het gemiddelde techbedrijf dat tegenwoordig naar de beurs gaat, is 14 jaar oud en heeft zo’n 220 miljoen dollar omzet. In de jaren ’90 was dat nog acht jaar en 44 miljoen dollar. De grootste AI-doorbraken moeten dus mogelijk nog komen en zullen kapitaal vereisen dat langdurige R&D-cycli en schaalvergroting ondersteunt.

Conclusie

Voor J.P. Morgan oogt de AI-hausse zowel krachtig als goed gefundeerd. De geschiedenis leert dat markten soms vooruit kunnen lopen op technologische doorbraken, en deze cyclus zal daarop geen uitzondering zijn, maar op dit moment is er geen sprake van AI-bubbelgevaar. Zolang winstgevendheid en efficiëntie overeind blijven, vormt AI eerder een duurzame groeimotor dan een vluchtige hype. Naarmate platforms en toepassingen zich verder ontwikkelen, ontstaan er volgens de bank aantrekkelijke kansen in de hele AI-waardeketen, binnen én buiten de technologiesector, en zowel in private als in publieke markten.