De gevechten tussen Iran en de Verenigde Staten zijn hervat en het staakt-het-vuren hield slechts kort stand. De overeenkomst die de oorlog beëindigde, liet de zeggenschap over de Straat van Hormuz grotendeels onbeslecht. Daarmee blijft een van de belangrijkste aanvoerroutes voor olie en gas inzet van het conflict.
“De nieuwe gevechten vormen vooral een harde onderhandeling over de controle op de scheepvaart. De VS beschikken over de militaire middelen om de zeestraat over te nemen, maar willen de economische, politieke en militaire prijs daarvan niet betalen. Iran gokt erop dat Washington uiteindelijk concessies doet,” concludeert Elliot Hentov, Chief Macro Policy Strategist bij State Street Investment Management.
Meeste kans op langdurige patstelling
State Street Investment Management onderscheidt drie scenario’s. In het gunstige scenario, een snelle terugkeer naar het staakt-het-vuren, herstelt de energiestroom geleidelijk en blijft de gemiddelde olieprijs in de tweede helft van 2026 onder $85 per vat.
Het basisscenario, bestaat uit terugkerende escalaties, onderhandelingen en deelakkoorden. Een bredere overeenkomst laat dan weken of maanden op zich wachten. De olieprijs komt in dat scenario gemiddeld uit tussen $90 en $100 per vat.
Een zware escalatie krijgt een kans van 20%. Wantrouwen en misrekeningen leiden tot langdurige gevechten en grote schade aan de energievoorziening. De olieprijs stijgt in dat geval tot boven $120. De combinatie van hogere inflatie en lagere groei raakt dan vrijwel alle risicovolle beleggingen.
Energiebuffers raken uitgeput
De economische schade bleef tot dusver beperkt doordat olieproducenten en handelaren alternatieve routes vonden. Van de circa 15 miljoen vaten olie per dag die voor het conflict door de Straat van Hormuz gingen, werd ongeveer de helft omgeleid. Saudi-Arabië gebruikte daarvoor vooral zijn pijpleiding naar de Rode Zee.
Extra productie buiten de regio en het aanspreken van voorraden hielpen eveneens. Tijdens het korte staakt-het-vuren kwam een deel van het scheepvaartverkeer weer op gang. Inmiddels is die stroom opnieuw sterk afgenomen.
“Elke volgende onderbreking krijgt naar verwachting sneller gevolgen voor prijzen en economische activiteit. Voorraden nemen af en de ruimte om tekorten op te vangen wordt kleiner,” zegt Hentov.
Vooral de markt voor benzine, diesel en kerosine is kwetsbaar. De beschikbare voorraden van deze geraffineerde producten zijn krapper dan die van ruwe olie. Grote economische schade dreigt wanneer luchthavens, energiecentrales of industriegebieden zonder brandstof komen te zitten.
Ook de dreiging van de Houthi’s om Saudische olie-export aan te vallen vergroot het risico. Daarmee komen ook de alternatieve routes onder druk te staan die de oliemarkt tot nu toe overeind hielden.
Conflict blijft ingeprijsd
De prijs van Brentolie liep tijdens het bestand kort terug naar het niveau van voor de oorlog, maar stijgt inmiddels weer. Bij geraffineerde producten was de daling kleiner. De internationale raffinagemarge ligt nu ongeveer drie keer zo hoog als voor het conflict. De olieprijs zelf ligt circa 25% hoger. Ook de Europese gasprijs noteert weer rond het hoogste niveau sinds het uitbreken van de oorlog.
De obligatiemarkt houdt eveneens rekening met een langdurig conflict. De rente op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties daalde minder sterk dan de olieprijs tijdens het bestand. Volgens State Street bevat de rente daardoor een conflictopslag van ongeveer 0,3 procentpunt. De Amerikaanse tienjaarsrente bereikte recent 4,63%, dicht bij de piek van medio mei.
“De olieprijs beweegt naar verwachting voorlopig tussen $80 en $110 per vat. Ook de kapitaalmarktrente blijft beweeglijk, met per saldo opwaartse druk zolang een definitieve overeenkomst uitblijft,” zegt Hentov.
Centrale banken blijven terughoudend
Hogere energieprijzen vergroten de inflatiedruk. Centrale banken krijgen daardoor minder ruimte om de rente te verlagen. Tegelijk drukken hoge financieringskosten op de economische groei.
“Centrale banken zullen terughoudend blijven en eerder kiezen voor een streng dan voor een ruim rentebeleid. Langlopende staatsobligaties profiteren bij een diplomatieke doorbraak, maar begrotingstekorten, extra obligatie-uitgifte en geopolitieke risico’s houden de lange rente structureel hoog,” aldus Hentov.


