Trumps dreiging om Groenland te verwerven en tarieven op te leggen aan acht Europese handelspartners zet het vertrouwen van de Europese Unie (EU) in het trans-Atlantische bondgenootschap nog meer op losse schroeven. Voor de EU is het afstaan van soevereiniteit over Groenland aan de Verenigde Staten een absolute rode lijn. Terwijl er geen garantie is dat Trump zijn ambities zal laten varen, heeft Europa wel degelijk invloed in de Groenland-kwestie.
![]() Alexandre Drabowicz |
Wat is de uiteindelijke bedoeling?
Laat ons onmiddellijk duidelijk zijn. De annexatie van Groenland door de VS zou niet alleen de Deense soevereiniteit en het zelfbeschikkingsrecht van de Groenlanders schenden. Een dergelijke demarche zou ook de geloofwaardigheid van de NAVO fundamenteel ondermijnen. En mogelijk zelfs het einde van het bondgenootschap betekenen. Wat vooral voor Rusland en China een opsteker zou zijn.
Onze inschatting is dat Donald Trump in zijn welbekende ‘art of the deal’-stijl een nieuwe veer op zijn hoed ambieert. Druk en escalatie moeten hem in een sterke onderhandelingspositie brengen die hij daarna kan verzilveren (bijvoorbeeld in de vorm van persoonlijk prestige).
Officieel draait de Amerikaanse interesse in Groenland vooral om nationale veiligheid. Trump beschouwt het eiland als een essentieel onderdeel van het Golden Dome-raketschild om vijandelijke aanvallen af te slaan. De waarde van Groenland wordt nog versterkt door de strategische ligging om de nieuwe Arctische zeeroutes te controleren, die de verbinding tussen Azië, Europa en Noord-Amerika aanzienlijk verkorten nu het ijs er wegsmelt. Voorts is de bodem in Groenland rijk aan waardevolle grondstoffen, al is het ontginnen daarvan vooralsnog buitensporig moeilijk (en dus te duur).
De vraag rijst waarom de Verenigde Staten zich zo agressief opstellen. Ze konden evengoed een diplomatieke oplossing zoeken met Denemarken, de regering van Groenland en de NAVO. Sinds 1951 bestaat er overigens al een akkoord dat de VS uitgebreide militaire toegang geeft tot het eiland. Bovendien is het inpalmen van Groenland weinig populair bij de Republikeinse achterban (al steunen velen een vreedzame aankoop). Als vastgoedondernemer is Trump echter liever eigenaar dan partner. Daarnaast is er een zekere minachting voor Europa, dat als zwak wordt beschouwd. En ten slotte: Trump is Trump.
![]() Hans Bevers |
Wat kan Europa op korte termijn doen?
Hoewel de diplomatieke weg de VS waarschijnlijk een stabielere toegang tot Groenland zou opleveren, kunnen we verdere vijandige stappen richting annexatie niet uitsluiten. De zogenaamde ‘TACO’-veronderstelling (Trump Always Chickens Out) bleek namelijk niet altijd terecht. Trump kondigde aan dat voor acht Europese (en NAVO-) lidstaten – meer bepaald: Denemarken, Noorwegen, Zweden, Frankrijk, Duitsland, Nederland, Finland en het Verenigd Koninkrijk – vanaf 1 februari een bijkomende heffing van 10% zou gelden op alle export naar de VS. Op 1 juni stijgen zou dat percentage zelfs naar 25% stijgen als er dan geen volledige overname van Groenland heeft plaatsgevonden.
En dus is de hamvraag hoe Europa hierop kan reageren. Maar hoewel we ervan overtuigd zijn dat Europa effectief zal reageren – politici nemen de term rode lijn niet lichtzinnig in de mond – verwachten we dat de Europese leiders behoedzaam zullen blijven handelen. Hieronder lichten we vijf mogelijke maatregelen toe (in een willekeurige volgorde) die Europa kan nemen alsook een korte inschatting over de waarschijnlijkheid van implementatie.
1. Bevriezen van het handelsakkoord van vorig jaar
Een van de meest directe en politiek haalbare instrumenten is het blokkeren van het handelsakkoord tussen de EU en de VS dat afgelopen augustus werd bereikt. Dat akkoord voorzag in 15% tarieven op alle Europese export en 0% tarieven op bepaalde Amerikaanse exportproducten. Het Europees Parlement heeft dit akkoord nu bevroren, waardoor er momenteel geen handelsakkoord is tussen de EU en de VS.
2. Activeren van het 'anti-coercion instrument' van de EU
De EU overweegt ook om het in 2023 ingevoerde ‘Anti-Coercion Instrument’ (ACI) te activeren als reactie op de economische druk. Dit instrument biedt een juridische basis voor vergeldingsmaatregelen en tilt de Deens-Amerikaanse kwestie naar een zaak van Europese soevereiniteit. De Europese Commissie zou dan eerst het bestaan van economische dwang vaststellen en daarna voorstellen om het ACI te activeren. De Raad van de EU moet dit dan binnen tien weken goedkeuren (met een gekwalificeerde meerderheid: 55% van de lidstaten die minstens 65% van de bevolking vertegenwoordigen).
Daarna kan de Commissie tegenmaatregelen uitvaardigen. Dit proces kan tot zes maanden duren, maar biedt Europese leiders de kans om gerichte tegenmaatregelen te ontwikkelen, zoals extra belastingen of regelgeving voor Amerikaanse digitale diensten. Het is echter onduidelijk hoe ver de Europese leiders willen gaan, aangezien veel maatregelen ook Europese consumenten en bedrijven zouden raken.
3. Herinvoeren van vergeldingsmaatregelen
De EU onderzoekt de mogelijkheid om voor 93 miljard euro aan vergeldingsheffingen op Amerikaanse goederen in te voeren. Dit pakket, dat al vorig jaar werd voorbereid, kan snel worden geactiveerd. Het richt zich vooral op producten uit politiek gevoelige, Republikeins-gezinde staten, zoals Amerikaanse bourbon whiskey, vliegtuigonderdelen, sojabonen en gevogelte. Europa lijkt klaar om dit instrument in te zetten indien nodig. Deze maatregel zou Trumps peilingen kunnen schaden, wat hij gezien de tussentijdse verkiezingen die eraan komen liever vermijdt.
4. Europese financiële activa in de VS als wapen gebruiken
Europese gezinnen, bedrijven en overheden bezitten meerdere duizend miljard dollar aan Amerikaanse activa (15.200 miljard dollar volgens het Amerikaanse ministerie van Financiën). De netto internationale investeringspositie van de VS tegenover de eurozone bedraagt een tekort van 5.000 miljard dollar voor de VS. De eurozone vertegenwoordigt 25% van de totale Amerikaanse investeringsverplichtingen. Amerikaanse overheidsobligaties zijn goed voor 15% van de Amerikaanse bezittingen die in handen zijn van Europa. De eurozone is voor 5,5% aandeelhouder van de Amerikaanse schatkist, wat meer is dan Japanse investeerders (3,5%) (Grafiek 2). Van de totale hoeveelheid tegoeden in dollarbeleggingen (19.000 miljard dollar) behoort 25% toe aan beleggers uit de eurozone.
Dit alles voedt de speculatie dat Europa zou kunnen stoppen met investeren in de VS of de Amerikaanse activa zelfs zou kunnen verkopen. In de praktijk is dit echter moeilijk: het merendeel van deze activa is in handen van private fondsen, niet van overheden. Overheidsingrijpen is bijgevolg complex en kan ook Europese investeerders schaden, zeker nu zij hun Amerikaanse posities al meer afdekken.
Netto internationale investeringspositie van de VS tegenover de eurozone (portefeuillebeleggingen)
\
5. Amerikaanse militaire aanwezigheid in Europa als hefboom
Sommige waarnemers (zoals The Economist) suggereren dat Europa de aanzienlijke Amerikaanse militaire aanwezigheid op het continent als hefboom kan gebruiken. Deze aanwezigheid is essentieel voor de Amerikaanse wereldwijde defensieplanning. Toch achten wij dit op korte termijn weinig realistisch, omdat het de trans-Atlantische defensiestructuren rechtstreeks zou ondermijnen. Bovendien is dit geen verstandige zet in het licht van de oorlog in Oekraïne.
Wat betekent dit voor de markten?
Europese aandelen zijn het zwaarst getroffen door de nieuwe tariefdreiging. Zolang deze dreiging blijft voortbestaan, verwachten we dat de onderprestatie kan aanhouden, wat de neerwaartse risico’s voor het fragiele herstel vergroot. Defensie-uitgaven in Europa blijven waarschijnlijk een lichtpunt. Extra tarieven en vergeldingsmaatregelen vormen op korte termijn vooral een risico voor de economische activiteit, minder voor de inflatie. Dit kan de Europese Centrale Bank (ECB) ertoe aanzetten om meer te doen dan de ene renteverlaging waar we momenteel van uitgaan.
Voor Amerikaanse aandelen verwachten we dat de focus eerder op AI en ambitieuze winstdoelstellingen blijft liggen dan op geopolitiek. Hoewel hernieuwde Europese eensgezindheid als reactie op het Amerikaanse beleid de euro kan ondersteunen, vergroot de onzekerheid rond het Amerikaanse beleid de neerwaartse risico’s voor de dollar. Voor 2026 blijven we daarom voorzichtig ten opzichte van de Amerikaanse munt. Het ‘Sell America’-thema kan opnieuw op de voorgrond komen, wat beleggers ertoe zou aanzetten om meer te diversifiëren en hun dollarblootstelling af te dekken. In dat klimaat blijven we positief over goud, dat naar nieuwe hoogten kan stijgen, en beschouwen we opkomende markten als een voor de hand liggend pad naar diversificatie.




