Door Francis Muyshondt.
De secundaire markt of secondaries binnen private equity groeit sneller dan ooit. Wat jarenlang een niche binnen de alternatieve beleggingen was, groeit vandaag uit tot een essentieel onderdeel van het PE-ecosysteem. Volgens Jérôme Marie, Senior Managing Director ODDO BHF Private Equity en Deputy CEO ODDO BHF Asset Management, is die groei zowel structureel als cyclisch gedreven. ‘Toen ik begin jaren 2000 begon, bedroeg het wereldwijde volume van de secundaire markt ongeveer 5 miljard USD. In 2025 ging het al om zo’n 225 miljard USD’, geeft hij aan. Met andere woorden: de markt groeide in iets meer dan twintig jaar met een factor veertig. Volgens Marie zelfs sneller dan de groei die technologiereuzen als Amazon of Apple in dezelfde periode realiseerden.
Wat zijn secondaries precies?
De secundaire markt binnen private equity laat investeerders toe om hun participaties in private-equityfondsen te verkopen vóór het fonds afloopt. Traditioneel zitten beleggers vaak tien jaar of langer vast in zulke fondsen, zonder mogelijkheid om tussentijds uit te stappen. Via zogenaamde secondaries kunnen die participaties toch van eigenaar veranderen, waardoor investeerders flexibeler kunnen inspelen op veranderende marktomstandigheden of hun portefeuille actiever kunnen beheren. ‘Wij brengen liquiditeit in een markt die van nature weinig liquide is’, vat Marie samen.
Die transacties gebeuren enerzijds tussen investeerders onderling, de zogenaamde LP-led transacties. LP’s of Limited Partners zijn investeerders die kapitaal verstrekken aan private-equityfondsen. Daarnaast zijn er GP-led transacties, waarbij fondsbeheerders zelf liquiditeitsoplossingen organiseren rond bestaande activa. Bij continuation funds brengen private-equityhuizen bestaande activa onder in nieuwe fondsen om ze langer aan te houden. Vooral dat laatste segment groeide de voorbije jaren sterk door de tragere exitmarkt en de afgenomen M&A-activiteit. Volgens Marie is precies die flexibiliteit vandaag cruciaal geworden, omdat investeerders steeds vaker op zoek zijn naar oplossingen om kapitaal vrij te maken zonder meteen hun volledige private-equitystrategie te moeten afbouwen.
PE-groei voedt secundaire markt
Een eerste verklaring voor de groei van de secundaries is volgens hem makkelijk te verklaren omdat de private-equitymarkt zelf enorm is gegroeid. ‘De totale PE-markt is in tien jaar tijd gegroeid van ongeveer 5 naar 16 à 17 biljoen USD’, geeft hij aan. Hoe groter die markt wordt, hoe groter automatisch ook de potentiële secundaire markt wordt. Maar opvallend: ondanks de recordgroei vertegenwoordigen secondaries nog altijd slechts ongeveer 1,5% van de totale private-equitymarkt. Dat toont volgens Marie vooral aan hoe illiquide private equity ondanks alles nog altijd is. ‘Net daarom zijn secondaries zo belangrijk geworden.’
Naast die structurele groei ziet Marie ook duidelijke cyclische factoren. Sinds de tweede helft van 2022 veranderde het klimaat voor private equity aanzienlijk. Stijgende rentevoeten, hoge inflatie, geopolitieke spanningen en zwakkere economische vooruitzichten vertraagden de dealactiviteit wereldwijd. ‘Minder overnames betekent automatisch ook minder exits en dus minder distributies richting investeerders. Veel van hen rekenden op uitkeringen uit private equity om nieuwe investeringen te doen of verplichtingen na te komen. Als die cashflows vertragen, moeten ze elders liquiditeit zoeken’, onderstreept hij. Precies daar komen secondary-spelers in beeld. Volgens Marie werd lange tijd verwacht dat de M&A-markt in 2025 en 2026 opnieuw fors zou aantrekken, maar die heropleving verloopt voorlopig trager dan gehoopt. ‘De onzekerheid blijft groot en dat helpt niet om deals te sluiten.’
Belang continuation funds neemt toe
Een van de opvallendste evoluties binnen secondaries is de sterke groei van de eerder aangehaalde continuation funds. Daarbij worden bestaande participaties vanuit een ouder fonds ondergebracht in een nieuwe structuur zodat ze langer kunnen worden aangehouden. Volgens Marie is dat vandaag een van de belangrijkste liquiditeitsinstrumenten geworden binnen private equity. ‘Continuation funds vertegenwoordigen inmiddels ongeveer 25 à 30% van alle monetisaties in private equity’, benadrukt hij. Dat aandeel zal volgens hem verder stijgen. ‘Wereldwijd bevinden zich momenteel ongeveer 40.000 bedrijven in buy-outportefeuilles, goed voor zowat 4 biljoen USD aan activa. De helft daarvan zit al langer dan vijf jaar in portefeuille.’ Met andere woorden: er bouwt zich een enorme voorraad mature activa op waarvoor private-equityhuizen liquiditeitsoplossingen zoeken. ‘Zelfs als de M&A-markt normalert, zal dat niet volstaan om al die activa snel genoeg te verkopen’, aldus Marie.
Volgens Marie is de secundaire markt de voorbije jaren ook sterk geëvolueerd qua maturiteit en specialisatie. ‘Waar secondaryfondsen vroeger breed investeerden in allerlei soorten activa, ontstaan vandaag steeds gespecialiseerdere strategieën. Sommige spelers focussen uitsluitend op infrastructuur, private kredietverlening of specifieke types continuation funds. Met maturiteit komt ook specialisatie’, legt hij uit. Dat verhoogt volgens de Senior Managing Director de efficiëntie van de markt. Daarnaast spelen investeringsbanken en gespecialiseerde adviseurs een steeds grotere rol in de markt. Zij filteren transacties vooraf en structureren vaak complexe consortiumdeals. ‘Bij grote continuation funds spreken we soms over transacties van meerdere miljarden dollars. Daarvoor moeten syndicates worden opgebouwd. Dat vraagt tijd en expertise.’
Ook particuliere beleggers steeds meer van de partij
Waar secondaries vroeger bijna uitsluitend institutioneel waren, ziet Marie vandaag ook een duidelijke verschuiving richting private banking en vermogende particulieren. ‘Vroeger bestond een portefeuille vooral uit vastgoed, aandelen en obligaties. Vandaag verwachten cliënten ook private assets. Private equity wordt steeds vaker beschouwd als een noodzakelijke diversificatie binnen vermogensportefeuilles, onder meer door het potentieel hogere rendement en de lagere correlatie met beursmarkten.
Secondaries vormen volgens hem bovendien een relatief toegankelijke instaproute voor beleggers die nog weinig ervaring hebben met private equity. ‘Via secondaries kan je zeer gediversifieerde en mature portefeuilles opbouwen, met snellere distributies en een aantrekkelijk risico-rendementsprofiel. De onderliggende bedrijven bestaan al langer en hebben vaak meerdere economische cycli doorstaan. We kunnen vandaag analyseren hoe bedrijven Covid, inflatie en stijgende rentevoeten hebben doorstaan. Dat geeft veel meer zichtbaarheid op de kwaliteit van een investering.’ Bij investeringen kijkt zijn team daarom vooral naar defensieve bedrijven met sterke marges, robuuste markten en een bewezen weerbaarheid tijdens economische schokken.
Toch benadrukt Marie dat beleggers het illiquide karakter van private equity niet mogen onderschatten. “Het is liquide tot het plots niet meer liquide is”, zegt hij over bepaalde semi-liquide structuren. Volgens hem blijft private equity enkel geschikt voor beleggers met een lange beleggingshorizon. ‘De activa zijn langetermijninvesteringen, dus de investeerders moeten dat ook zijn.’


